Hoe denkt de regering van de Socialistische Republiek van Vietnam over het Christendom? Normaal gesproken zou het onmogelijk zijn hier een antwoord op te geven. Een paar jaar geleden echter, lekten topgeheime dokumenten uit en werden in het westen het eerst gepubliseerd.
Een van deze dokumenten gaat over de staat van het Christendom onder de verschillende stammen van Vietnam. Ofschoon deze rond de vijftig minderheidsgroepen maar 10% van de bevolking uitmaken, hebben zij wel tweederde van alle christenen in Vietnam.
In het dokument, getiteld 'Programma 184B', schetsen gefrustreerde regeringsbeambten
de groei van het Christendom en zoeken naar een manier om het tij te keren.
Een van de meest interessante onderdelen van dit dokument is de observatie
van een beambte over de manier waarop Vietnamese zendelingen bezig zijn geweest
om het Christendom te verspreiden naar andere gebieden. Hij zegt:
De propagandamethode van de zendelingen was:
Ofschoon het geschreven is door mensen die de invloed van het Christendom teniet willen doen in hun land, is het een prachtig getuigenis over de manier waarop Vietnamese zendelingen de Heer dienen. Met dat de ambtenaren naar middelen zochten om de invloed van de zendelingen te beperken, constateerden zij het volgende: 'In feite groeien de cijfers maar langzaam als we een ontspannen politiek voeren, maar als we hen onderdrukken groeien ze hard'.
Hoewel het niet hard te maken is, kan deze observatie ertoe bijgedragen hebben aan de beslissing van de regering om de Evangelische Kerk van Zuid-Vietnam toestemming te geven om samen te komen en hun leiders te kiezen. In februari 2001 kregen namelijk 482 voorgangers en vertegenwoordigers van gemeenten toestemming om een nieuwe president en dagelijks bestuur voor de Evangelische Kerk van Zuid-Vietnam te kiezen. Het was de eerste keer sinds 1976 dat zij toestemming kregen om bij elkaar te komen.
Op verschillende manieren is de regering buitengewoon behulpzaam geweest bij het tot stand komen van deze vergadering: zij zorgden voor transport en accommodatie en gaven een kleine toelage aan degenen die deelnamen. Zij gaven zelfs een lijst met kandidaten waaruit ze konden kiezen! De voorgangers echter weigerden vrijmoedig deze lijst en droegen voorgangers en leiders voor wiens eerste doel was het Evangelie te verspreiden, in plaats van politieke doeleinden na te streven.
Ofschoon de mensen die door de voorgangers waren voorgedragen niet gekozen werden, accepteerde de regering later de gekozen leiders en gaven na verloop van tijd voor het eerst officieel erkenning aan de Kerk. Een ambtenaar van het Bureau van Godsdienst Zaken zei in antwoord hierop: 'Zij brengen extreme democratie in praktijk.'
Na deze vergadering stelde de Kerk ambitieuze plannen op. Deze bevatten de aanstelling van nieuwe voorgangers, het bouwen van nieuwe kerken, het opnieuw opstarten van broodnodige bijbelscholen en de publikaties van christelijke boeken. (Op dit moment worden officieel alleen Bijbels en zangboeken gedrukt.)
Tot op dit moment zijn echter nog weinig van deze doelstellingen gehaald,
omdat ze voor alles toch regeringstoestemming nodig hebben. Bid alstublieft.