Terug naar landenpagina

Peru




Veel van onderstaande gegevens, met name de statistische, zijn ontleend aan: Patrick Johnstone, Operation World, 2001.
Dit handboek geeft een schat aan informatie over christen-
dom en zendingswerk in alle landen ter wereld. Het is ver-
krijgbaar bij WEC-Nederland of via de boekhandel.

 

Geschiedenis van Peru in periodes

De geschiedenis van Peru kan grofweg in de volgende perioden verdeeld worden:

 

 

Geografie

Het huidige Peru wordt geografisch gekenmerkt door drie zones die ieder van Noord naar Zuid lopen:



De kuststrook (costa). Een 2500 km lange woestijnstrook die één van ’s werelds droogste gebieden is. De koele golfstroom die de zee voor de kust van Peru zo rijk aan vis maakt, is er de oorzaak van dat er in de woestijnstrook tussen de Oceaan en de Andes geen regen kan vallen. Lima, de hoofstad van Peru met een geschat inwoneraantal van 8 miljoen, is gesitueerd in deze kuststrook. De stichter van de stad Francisco Pizarro, een ongeletterde varkensboer afkomstig uit het Spaanse Extramedura, die samen met een groep conquistadores vanuit Spanje voet aan wal aan de grenzen van het Inkarijk had gezet, besloot in de Rimacvallei de hoofdstad te vestigen. Dit vanwege de goede verbinding via de Andestoppen met het binnenland van Centraal Peru. Nadeel was wel het microklimaat. Vanwege een meteorologisch verschijnsel dat therminale inversie wordt genoemd, is Lima van mei tot oktober in een vochtige deken van mist gehuld. Naast het koloniale hart kent de stad grote mate van tegenstellingen. Er zijn rijke, zakenlijke en prachtig aangelegde stadswijken (Monterico, San Isidro en Miraflores), maar er zijn ook zeer arme sloppenwijken. De meerderheid van de hoofstadbevolking bevindt zich in laatstgenoemde delen. Andere bealngrijke kustplaatsen zijn: Chiclayo, Trujillo en Chimbote.

Het Andesgebergte (sierra). Het hoogland dat door het Andesgebergte gevormd wordt biedt op vele plaatsen een adembenemende aanblik. Echter de ijle, koude lucht en het ruige landschap maken de Andes tot een enorm obstakel als het gaat om transport en communicatie. Niettemin leeft ongeveer de helft van Peru´s bevolking verspreid in de Sierra, op de arme rotsachtige grond waar alpaca´s en lama´s grazen, terwijl al sinds de tijd van de Inca´s op elk bruikbaar stukje grond in terrascultuur voedingsgewassen worden verbouwd. Enkele belangrijke sierra steden zijn: Huancayo, Cuzco, Ayacucho en Arequipa.

De jungle (selva). Drievijfde deel van Peru is jungle. Dat is verdeelt in de hete, dampende neder-Amazone en de hoge jungle. De hoge jungle is de streek waar de bergen en de Amazone elkaar ontmoeten. Het is een subtropisch gebied waar Peru zijn koffie en zestig procent van de totale wereldproductie aan cacao verbouwt. Tevens dankt het gebied zijn internationale faam door de cocaproductie. De neder-Amazone kent een zeer uitgestrekt oerwoudgebied. Enkele gebieden zijn tot nationale parken uitgeroepen om hun voortbestaan m.b.t. hun rijke variatie in flora en fauna te garanderen. Enkele belangrijke steden in de neder-Amazone zijn: Iquitos, Tarapoto, Pucallpa en Puerto Maldonado.

 

 

Bevolking

Al sinds de pre-Columbiaanse tijd zijn de Peruvianen door de natuur verdeeld. Vanaf de droge woestijn aan de kust heft de sierra van de Andes zich tot een hoogte van 6000 m en meer boven de zeespiegel. De hooglanden beslaan ongeveer een kwart van Peru´s grondgebied, maar vormen het thuisland van ongeveer de helft van Peru´s bevolking. Voor de moderne staat leveren de bergbewoners grote problemen op als het gaat om ontwikkeling en integratie in één enkele maatschappij. De reusachtige natuurlijke barrière belemmert in hoge mate de toegankelijkheid voor gemotoriseerd transport en telecommunicatie, terwijl herhaalde aardbevingen en landverschuivingen het toch al zware terrein moeilijk bereikbaar maken.

Het resultaat is een dramatische regionale diversiteit, met aanzienlijke verschillen in overheidsvoorzieningen en levensstandaarden. Programma´s op het gebied van gezondheidszorg, onderwijs en wetgeving zijn ongelijk verdeeld over Peru.

Op het eerste gezicht kan de Periviaanse cultuur ruwweg worden verdeeld in inheemse en koloniale maatschappijen- de bergen en de stad. De bloedlijnen van de vertegenwoordigers van de blanke creoolse elite gaan terug tot de Spaanse verovering van 1536. Evenals de generaties vóór hen, leven de meesten in Lima, de oude koloniale hoofdstad. Aan de andere kant streven boerengemeenschappen nu ook naar het bezit van televisie en spijkerbroeken, maar dat leidt tot conflicten met traditionele culturele waarden. Als erfgenamen van de ontzagwekkende pre-Columbiaanse culturen houden de volken van de Andes de traditionele praktijken van hun voorvaderen in een snel veranderende wereld in stand. Hun levensonderhoud is nog steeds gebaseerd op chakras, dat zijn akkers die in het bezit zijn van de familie en die met de hand of met behulp van trekdieren worden bewerkt. De maatschappelijke organisatie van de boerengemeenschappen van de Andes verschilt sterk van die van de vereuropeeste creoolse cultuur. Werk, huwelijk en landbezit gaan uit van een ingewikkelde, sociaal-economische familieorganisatie, die in het Quechua ayllu wordt genoemd en die teruggaat tot tenminste de tijd van de Inca’s. Eén van de belangrijkste funkties van de ayllus is het organiseren van wederzijdse uitwisseling van arbeid. Dit gebeurt veelal in de vorm van groepsprojecten, zoals het leggen van daken of het oogsten van aardappels, wat gepaard gaat met feestelijke maaltijden en volop chicha (zelfgemaakt maïsbier).

Gedurende de afgelopen vierhonderd jaar heeft er een langdurig proces van interculturele vermenging plaatsgevonden, waaruit de mestizo van deels Amerikaanse, deels Europese afkomst is voortgekomen. Tegenwoordig maken veel Peruvianen deel uit van deze categorie. Je kunt niet alleen door geboorte mestizo zijn, maar ook uit vrije keuze. Van de Peruviaanse maatschappelijke verdeling kan dus worden gezegd, dat ze niet zozeer door ras als wel door cultuur wordt bepaald.

De Andes kent twee grote etno-linguïstische groeperingen: de grootste van de twee spreekt Quechua, de taal van het Incarijk; de kleinste groepering, die Aymara spreekt, leeft rond het Titicacameer en ook in het buurland Bolivia. De Quechuataal kent meer dan 15 varianten die onderling sterk van elkaar afwijken. Het Quechua van b.v Ayacucho verschilt zo sterk van dat van b.v. Cusco dat men elkaar niet kan verstaan.

In de Amazonejungle leven tenminste 53 etno-linguïstische groeperingen hoewel ze slechts vijf procent van de Peruviaanse bevolking vertegenwoordigen.

Bevolking

Jaarlijkse groei
(%)

Bevolkingsdichtheid
(per km2)

2000

25.661.669

+1,75

20

2010

29.885.322

+1,45

23

2025

35.518.199

+1,02

28

 

 

Democratie en Crisis

De geschiedenis van de democratie van Peru vanaf het jaar 1821, het jaar dat Peru zijn onafhankelijkheid verkreeg tot heden, laat een constante pendelbeweging tussen democratische en miliatiare krachten zien. Sinds 1821 heeft het land honderd volksleiders gekend. Zesenvijftig leiders hadden een militaire achtergrond. Meestal kwamen zij via een staatsgreep aan de macht.

De meest recente crisis in de democratie vormde de beweging Sendero Luminoso (Lichtend Pad). Deze door de Culturele Revolutie in China geïnspireerde en maoïstisch georiënteerde organisatie heeft vanaf 1980 tot 1992 tot een dieptepunt in de recente Peruaanse gechiedenis gezorgd. Deze twaalfjarige burgeroorlog heeft aan ruim 30.000 mensen het leven gekost. Sendero was het geesteskind van een groep provinciale intellectuelen die bijeenkwam in de Universiteit San Cristóbal te Ayacucho. Onder leiding van Abimael Guzman, die aldaar filosofie doceerde, werd er een langdurige volksoorlog vanaf het platteland tegen de staat en het kapitalisme gevoerd. De strijd die voornamelijk tussen de Senderisten en het leger werd uitgevochten heeft grote aantallen slachtoffers van de burgerbevolking geëist. De eenvoudige dorpsbewoners die in afgelegen streken hun bestaan hadden werden tussen de twee gewelddadige raderen vermalen. Zonder enige vorm van bescherming betaalden zij de hoogste rekening.

In 1990 kwam Alberto Fujimori, een tot dan toe onbekende universiteitsrector van Japanse afkomst, via verkiezingen aan de macht. Hij versloeg daarbij zijn belangrijkste politieke rivaal Mario Vargas Llosa. Een van zijn eerste daden op economisch terrein was het overnemen van een groot aantal neoliberale motieven die zijn tegenstander Mario Vargas Llosa had gesteund. Tevens pleegde hij april 1992 een zgn. autogolpe, hetgeen betekende dat hij de Grondwet buiten werking stelde en het Congres naar huis stuurde. Zijn strijd tegen het terrorisme beleefde zijn hoogtepunt in september 1992 toen hij de leider van Lichtend Pad, Abimael Guzman samen met drie hooggeplaatste leden van het ‘centrale comité’ in een voorstad van Lima gevangen kon nemen. Gedragen door zijn succes hield Fujimori in november 1992 verkiezingen voor een nieuwe wetgevende vergadering, waarin zijn aanhangers een duidelijke meerderheid wisten te behalen. In 1995 volgde zijn herverkiezing als President. In het jaar 2000 stelde hij zich opnieuw kandidaad voor deze hoogste bestuurlijke post. Toen duidelijk werd dat grootschalige stembusfraude ten gunste van Fujimori was gepleegd, trok tegenkandidaad Toledo zich terug en was de Japanse immigrantenzoon opnieuw president van Peru. Een wijdverbreid corruptieschandaal kwam aan het licht toen er videobeelden beschikbaar kwamen van Congresleden die tegen betaling van partij wisselden ten gunste van Fujimori. De chef van de binnenalndse veiligheidsdienst Vladimiro Montesinos bleek samen met Fujimori de spin het web te zijn van zeer verregaande corruptie. Die betrof zowel de wetgevende macht (congres), de controlerende macht (politie en inlichtingendienst) als de media (televisiekanalen en kranten). Beiden vluchtten het land uit. Fujimori vroeg politiek asiel in Japan aan op grond van zijn tot dan toe geheime dubbele nationaliteit en Montisinos keerde na een vluchtweg via Venezuela in Peru terug. Daar wacht hem een langdurig proces.

Via een tussenregering o.l.v. president Valentín Paniagua (2000-2001) is inmiddels Alejandro Toledo aan de macht gekomen. Door in zijn beleid accent te leggen op ruimte voor buitenlandse investeringen en zo nieuw werk te genereren hoopt hij verdergaande economische groei te realiseren. Tegelijk legt hij sterke nadruk op de Andesidentiteit en bijbehorende normen en waarden van de arme achtergestelde Andesbewoners. Hij heeft bij zijn aantreden gezegd slechts voor één regeerperiode van 5 jaar beschikbaar te zijn. In hoeverre hij dat ook waar zal maken, zal alleen de tijd leren.

 

 

Godsdienst

De geschiedenis van Peru heeft grote invloed gehad op de huidige godsdienstige kaart van het land. Allereerst zijn er de antieke pre-columbiaanse godsdiensten. Die worden gekarakteriseerd door een pantheon van goden die elk een gedeelte van de toenmalige maatschappij vertegenwoordigden. De archeologische resten van deze vaak regionaal gestempelde religies zijn nog op tal van plaatsen te bezichtigen. Authentieke geschreven bronnen ontbreken vrijwel geheel. Dat maakt de interpretatie bijzonder moeilijk. Uit secondaire bron weten we echter wel het één en ander omtrent hun godsdienstige voorstellingen. De moeilijkheid daarvan is dat de auteurs daarvan, meegekomen met en in dienst van de Spaanse overheersers, niet geheel onbevooroordeeld waren.

De periode vanaf de Spaanse overheersing, die in 1532 begon en in 1821 eindigde, wordt godsdienstig bepaald door het meegekomen Roomskatholicisme. Enerzijds kwam deze christelijke religie met een compleet nieuwe boodschap t.o.v. de antieke Quechua-religies. De geloofsvoorstellingen, riten en gebruiken waren geheel verschillend.

In de eerste verslagen van de missionarissen uit de zestiende eeuw is dan ook sprake van ‘het uitroeien van het heidense bijgeloof’. De Roomskatholieke kerk heeft haar greep op de Peruaanse samenleving in godsdienstig opzicht weten in te nemen. Zij speelt tot op de huidige dag een rol van grote betekenis bij de politieke beslissingen van de machthebbers. Ofschoon er sinds 1987 de vrijheid van godsdienst bestaat, is het nog steeds de Rooms Katholieke kerk die een voorkeursbehandeling krijgt. Dat wordt vooral duidelijk in het regeringsbeleid t.a.v. andere kerken als het gaat om kerkelijke belastingen, eigendomsrechten, onderwijs en politiek. De andere kerken moeten in die gevallen vele malen meer betalen. Ze moeten meer en moeilijker procedures volgen hun eigendommen op naam te krijgen. Het godsdienstonderwijs wordt binnen het staatsonderwijs automatisch door r-k-geestelijken verzorgd. En het kabinet gaat bij belangrijke gebeurtenissen of herdenkingen ter mis.

De statischtische gegevens omtrent denomenaties en percentages volgen in onderstaande tabel.

Godsdiensten

Bevolking
(%)

Aanhangers

Jaarl. Gr.
(%)

Christelijk

90,06

23.110.900

+1,4

Niet-godsdienstig / overig

8,32

2.135.051

+5,3

Animisme

1,20

307.940

+3,5

Boeddhisme

0,31

79.551

+2,4

Baha'I

0,09

23.096

+1,7

Joods

0,02

5.132

+1,7

Men gaat ervan uit dat 25% van de Peruanen eigenlijk meer in animisme en toverij gelooft dan het christelijk geloof aanhangt.

Christenen

Kerkgen.

Aanhangers

.00

Jaarl. Gr.
(%)

Protestant

56

6,58

1.688

+5,5

Onafhankelijk

97

3,98

1.020

+8,4

Anglicaans

1

0,01

2

-1,0

Rooms-katholiek

1

68,97

17.700

-0,4

Marginaal

4

3,27

840

+4,2

Niet-aangesloten

 

15,04

3.860

?

Dubbel-aangesloten

 

-7,79

-2.000

?



Kerken

Megablok

Gemeenten

Volwassen leden

Aangesloten

Rooms-katholiek

C

2.380

9.725.275

17.700.000

Zevende-Dags Adventisten

P

1.153

413.625

550.000

Mormonen

M

600

175.824

320.000

IEP- Evangelisch Kerk van Peru

P

2.000

100.000

300.000

Israelitishe Kerk van het Nieuwe Verbond

M

200

140.000

280.000

Jehovah's Getuigen

M

720

69.965

240.000

Pinkstergemeenten

P

2.800

150.000

238.000

Kerk van de Nazarener

P

1.200

65.000

120.000

Evang Miss. Mvt [2]

I

240

46.000

86.000

Evang. Pinksterkerk van JC

I

850

36.000

85.000

Chr and Miss. Alliance

P

320

27.341

84.675

FAIENAP (inheems ev.) [10]

I

480

30.000

70.000

Onafhankelijke Baptist

P

450

19.000

35.000

Ch of God of Prophecy

P

460

16.500

32.000

Baptistenunie van Zuid-Peru

P

220

11.000

27.500

Pilgrim Evangelical

P

380

10.000

27.000

Methodisten

P

110

8.500

24.000

Ch of God (Cleveland)

P

268

10.720

22.000

Evang. Kerk van Noord-oost Peru

P

115

7.500

19.000

Vergadering van gelovigen

P

210

11.000

19.000

Evang Presbyteriaanse en Gereformeerde Kerk

P

220

5.000

16.500

Inheemse Indiaanse kerken [11]

I

110

5.500

16.500

Emmanuel Revival

I

60

6.000

12.000

Overige kerkgenootschappen [117]

 

5.598

354.756

926.373

Dubbel aangesloten

 

 

-1.099.000

-2.000.000

Totaal aantal christenen

 

21.144

10.345.600

19.250.500



Trans-bloc groeperingen

bev.
(%)

.000

Jaarl. Gr.
(%)

Evangelicaal

8,7

2.242

+6,9

Charismatisch

6,2

1.589

+6,3

  Pinkster

3.8

965

+7.9

Protestantse zendelingen vanuit Peru: 97

Protestantse zendelingen in Peru:
1.003 in 103 organisaties uit 28 landen: USA 597, UK 75, Brazilië 51, Duitsland 49, Canada 47, Zwitserland 41, Zuid-Korea 27.

Christelijk: C Rooms-katholiek, X Overige

 

 

Gebedsonderwerpen

  1. Corruptie. Peru heeft een grote schoonmaak van de diepgewortelde corruptie nodig. Juist op het gebied van de rechtspraak is sprake van omkoping, partijdigheid en klassejustitie.

  2. Gemargineerde groepen. Slechts een klein deel van de Congresleden maakt zich druk om gemargineerde groepen in de samenleving. Er bestaat weinig rechtszekerheid voor armen, wezen, weduwen en alleenstaande moeders.

  3. Gevangenen. De omstandigheden in gevangenissen is vaak erg inhumaan. Sommigen zitten wel een jaar in afwachting van hun proces. Anderen zitten op grond van een naamsverwisseling of valse aangifte onschuldig gevangen. Alleen wie dan geld of goede vrienden in het gevangeniscircuit heeft komt er uit.

  4. RK-kerk in crisis. De RK-kerk bevindt zich in een crisis. Ruim tachtig procent van de geestelijken is van buitenlandse afkomst. Intern is een strijd gaande tussen traditionalisten en hen de de bevrijdingstheologieën voorstaan. Er is een leegloop aan leden die hun kerkelijk onderkomen elders, zoals bij evangelische groepen, protestantse kerken en van oorsprong buitenlandse secten zoeken. Slechts 15% van de RK-leden participeert werkelijk in de kerk.

  5. Gebrek aan goed leiderschap. De protestantse en evangelische kerken hebben sinds de 60-er jaren een enorme groei doorgemaakt. In het bijzonder gedurende de tijd van de guerillaoorlog (1980-1994). De weinige presentie van RK-geestelijken in risicogebieden in de Andes en de opvang die kleine protestantse en evangelische kerken boden hebben geresulteerd in een enome gemeentegroei. De kerk bleek vaak de enige sociale struktuur die overbleef. Samen met haar boodschap vond zij gehoor bij de mensen in nood. Nu die context van gevaar is geweken blijkt het nodig de kerkgemeenschappen van verdere struktuur te voorzien. Er blijkt een gebrek aan gekwalificeerd leiderschap te bestaan. Diverse initiatieven worden ontplooid om in de regio zelf adequaad onderwijs voor toekomstige kerkleiders te bieden.

  6. Alleenstaande moeders. Door een continu gebrek aan werk ontstaan talloze economsiche, sociale en psychologische problemen. Er is gebrek aan geld om kinderen goed onderwijs en toegang tot basisgezondheidszorg te geven. Alcoholisme is samen met ‘machismo’ een bron van huiselijk geweld tegen vrouwen en kinderen. Talloze alleenstaande moeders moeten zelf opdraaien voor de opvoeding van hun kinderen. Dat levert veel psychologische problemen bij kinderen op. Ze groeien voornamelijk in een vaderloze samenleving op.

  7. Quechua’s en Aymara’s. Twee groepen nakomelingen van de Inca’s die vooral in het Andesgebergte woonachtig zijn. Ze vormen een beetje de tweede rangsburgers van het land. Ze zijn achtergesteld op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg en ontwikkeling. In 1975 werd hun taal officieel erkend. De Quechua-kerken hebben zich sterk gemaakt om hun taal en identiteit te bewaren. Vele leefgemeenschappen zijn echter nog niet bereikt met het evangelie.

  8. De bijbel in eigen taal. Een complete Quechuabijbelvertaling is gereed in de dialecten van Cusco en Ayacucho. Op dit moment zijn er nog twaalf andere Quechua-vertalingen in voorbereiding. Dat is een langdurig proces dat wel twintig jaar kan duren en veel doorzettingsvermogen van de vertalers eist.

  9. Lima. De grote buitenwijken van Lima worden gekenmerkt door krotwoningen, het ontbreken van voorzieningen als water, electriciteit en infrastructuur. Het chronisch gebrek aan werk en vele sociale misstanden veroorzaken vooral bij kinderen problemen. De meest in het oog vallende groep is die van de straatkinderen. Er zijn talloze initiatieven om opvang en zorg voor deze kwetsbare, maar ook moeilijk te bereiken, groep jongeren te bieden. Daar is veel toewijding en visie voor nodig.

  10. Zending. Door het de geweldsperiode in de tachtiger- en begin negentiger jaren hebben veel zendelingen het land moeten verlaten. Langzaam aan komt buitenlandse assistentie weer op gang. De prioriteiten op zendingsgebied liggen vooral op het terrein van pionierszending in de oostelijke Jungle, het bijbelvertaalwerk en het opleiden van nieuw leiderschap in de kerken. Er bevinden zich ruim duizend zendelingen namens 103 organisaties vanuit 28 landen in Peru. Terwijl er vanuit Peru 362 zendelingen namens 31 organisaties naar 28 landen uitgezonden zijn. De christelijke media, vooral radio en televisiekanalen, spelen een belangrijke rol in het verkondigende werk van de kerken. Zij vragen om voorbede.

 

 

Bronvermelding